De gemeente vindt het allemaal prima, een kleinschalig cateringbedrijf vanuit huis. Mits de woonfunctie behouden blijft, ik niet meer dan dertig procent van ons woonoppervlak in gebruik neem, er niet te veel verkeer de straat in komt en er 'als gevolg van de te verrichten werkzaamheden geen stankoverlast voor de naaste buren ontstaat'. Ik mag zelfs een reclamebord plaatsen! Niet dat ik dat van plan ben, maar toch.
De Milieudienst Noord-West Utrecht denkt daar anders over. Als er in mijn woning 'bedrijfsmatige activiteiten worden verricht', dan moet er een doelmatige slib- en vetvangput op de rioleringen worden aangesloten... Ja, mevrouw, de riooldienst houdt precies in de gaten waar vervuilingen optreden, vertelt een ambtenaar. Als blijkt dat dat bij u is, bent u de pineut. Ook moet een afvoerpijp op ons huis die ten minste 2 meter boven de hoogste daklijn in de omgeving uittorent. Twee meter boven de hoge huizen aan de overkant!
De ambtenaar windt er in zijn nagestuurde brief geen doekjes om, waarschijnlijk omdat ik aan de telefoon - totaal verbouwereerd - niet zo aardig tegen hem was. In 2009 zal 'dezerzijds met u contact worden opgenomen om een afspraak te maken om te bezien of uw activiteiten een bedrijfsmatig karakter hebben of niet.'
Ik ben benieuwd. Laat ik de man, als het zo ver komt, binnen? Hoe beoordeelt hij de schaal van mijn bedrijf? Wat wil hij zien? Mijn bankrekeningafschriften? Ruikt hij aan de afzuigkap? Kijkt hij hoeveel schalen er in mijn kasten staan, hoeveel eten in de koelkast? Belt hij stiekem aan bij de buren om te vragen of het hier wel eens stinkt?
Van een kennis bij de gemeente weet ik inmiddels dat hij geen enkel machtsmiddel heeft. Dus het zal wel met een sisser aflopen. Ik hoop dat de beste man niet al te veel tijd besteedt aan mijn handhaving. Ik zie het al voor me: wekelijks belt hij de riooldienst hoe het ermee staat in Wilnis. Voorlopig maar niks vets bakken (dat doe ik namelijk dagelijks...), stel je voor dat het riool precies ter hoogte van ons huis verstopt raakt.
Ondertussen vraag ik me wel af wat de buren erger zouden vinden. Een cateringbedrijf naast de deur waar ze óf niks van merken óf dat ze zelf maar wat graag inhuren. Of uitzicht op een metershoge afvoerpijp.
donderdag 18 december 2008
dinsdag 9 december 2008
Eten in ... New York!
Daar sta ik dan. Midden in New York. Koud, druk, zere voeten, maar vooral: alive! Een last-minute actie. Ik reis Mark achterna, die daar voor zijn werk moet zijn. Geen eetplannen vooraf, geen reserveringen in de hottest restaurants. Ik dacht: we zien wel waar we terechtkomen. Drie dagen kriskras door Manhattan, dan eet je dit:
Vliegtuigvoer en roomservice, geen hoogtepunten
Dag 1: vertrek vanaf Schiphol. Van Mark, die een dag eerder vloog, had ik al gehoord wat hij in de business class geserveerd had gekregen. Zachtgegaard buikspek, een van de speciliteiten van Oud Sluis! Sergio Herman verzorgt een paar maanden lang de sjieke maaltijden aan boord van KLM. In de economy class moet ik met minder genoegen nemen. De eerste snack, gezouden nootjes, is altijd lekker. Maar de pasta met broccoli en pijnboompitten die we daarna krijgen is nauwelijks meer als zodanig te herkennen. Al dente in een vliegtuig is te veel gevraagd. Het bakje chocoladeijs tussendoor is wel lekker en de champignonquiche kan er ook best mee door.
Acht uur later: aankomst in New York. Het is rush hour. En extra druk omdat de beroemde metershoge kerstboom op Rockefeller Plaza net is opgetuigd.
De taxi doet er twee uur over om bij het hotel te komen. In Nederland is het middernacht geweest, in New York begint de avond net. Mark kort gesproken. Hij gaat eten met zijn Amerikaanse collega's, ik heb er geen puf voor. Ik knabbel eerst de Pringles op de hotelkamer op, en bestel dan ... roomservice. Voor het eerst en waarschijnlijk ook voor het laatst. Het klinkt goed, een American sirloin burger with fries, maar blijkt een taaie lap vlees op een klef broodje. Ehm, ik ben in New York. Maar op culinair gebied heb ik nog weinig beleefd. Slapen dan maar. Lekker bed!
Vers fruit, verse mozzarella en Braziliaanse steak
Dag 2: ik ben al uren wakker als we 'mogen' ontbijten. Een heerlijk buffet in ons eigen hotel, wat een verrassing. Verse meloen, ananas, aardbeien en druiven. Muffins, bagels, crumpets (da's lang geleden, ik waan me 25 jaar terug in de tijd in Briarcliff Manor). Allerlei granen, yoghurt en melk. Gerookte zalm, roomkaas, jam. Kortom, een goed begin.
Mark moet nog een dag naar kantoor. Ik wandel door de East Side en eindig in het Museum of Modern Art.
Prachtig! Drie verdiepingen heb ik gehad. Dan een vroege lunch, want ik ben moe en het is druk in het MoMA. In het Italiaanse restaurant kan ik nauwelijks kiezen uit de antipasti, broodjes, salades en pasta's. De gemarineerde olijven, salade met verse buffelmozzarella en pesto en het versgebakkenbrood met olijfolie en zeezout geven me genoeg energie om nog twee uur door dit indrukwekkende museum te dwalen.
Om 15.00 uur is Mark 'vrij'. We scharrelen samen door de stad, die helemaal in kerstsfeer is. We hebben trek in iets hartigs, dus nemen een hot pretzel bij een stalletje op straat. Ze smaken nog precies hetzelfde als in 1981! De rookgeur hoort bij New York en kan ik me nog heel goed herinneren. Na de chaos, drukte en mensenmassa's in Bloomingdale's en op Times Square storten we bijna in. Wat een stad. In een leuk Braziliaans familierestaurant komen we weer bij. Op het menu: Picanha, super stuk geroosterd vlees met sausjes. We strompelen naar ons hotel en vallen direct in slaap.
Italiaanse hemel en Thais paradijs
Dag 3: het is koud maar helder, dus ik overwin mijn hoogte- en liftvrees en we schieten vroeg in de ochtend naar de top van het Rockefeller Center. Wat een uitzicht.

Daarna: lopen, lopen, lopen! Over Broadway, helemaal downtown. Onderweg thee, koffie, een brownie en granola bar in een deli, om op te warmen en aan te sterken. In de Shoe Mania, de naam zegt genoeg, vind ik zowaar mijn Amerikaanse droomlaarzen. Gelukkig wandelen we vlak daarna Little Italy binnen. Laat het nou precies lunchtijd zijn. Genieten van een goddelijke ravioli al funghi en een goede fles wijn.
Onze benen worden zwaar, maar we lopen dapper door. De Brooklyn Bridge op, over Wall Street, naar Battery Park en terug langs Ground Zero - een desolate, vervreemdende bouwput - door SoHo en TriBeCa. Als we nérgens een comfortabel café kunnen vinden, en ik bijna van mijn stokje ga, stuiten we op het paradijs: een Thais/Maleis restaurantje in een rustige zijstraat. De beef rendang met kokosrijst is de lekkerste ooit. Ik bestel groene thee, word vijf keer bijgeschonken, en hoef daar - zo blijkt achteraf - niets voor te betalen. Vriendelijke mensen die kerststerretjes op de ramen naast ons tafeltje plakken en ondertussen honderduit vragen over Amsterdam. We willen hier wel voor eeuwig blijven.
Toch zetten we ons nog één keer in beweging. In het overvolle theaterdistrict lukt het zowaar om kaartjes te bemachtigen voor een hilarische musical: Spamalot. Daarna is de pijp leeg. Slapen!
Nooit twee keer hetzelfde en eindigen zoals ik begon
Dag 4: wederom vroeg op pad om nog zoveel mogelijk van de stad te zien. Central Park is koud, rustig en minder inspirerend dan in de zomer, maar we zien goed hoe de New Yorkers hun zondagochtend besteden: fietsend, hardlopend en schaatsend. Daarna naar de Upper East Side, een decadent maar toch prettig sfeervol buurtje, met een mooi museum met Amerikaanse kunst (Whitney). We kiezen weer een Italiaanse restaurant uit voor de lunch, en ja, da's dom. De tweede keer valt altijd tegen. Mijn pasta haalt het niet bij de ravioli van gisteren, Marks haantje uit de oven is wel oké. We gaan nog op souvenirs-voor-de-kinderen-jacht, wagen ons in Macy's voor gingerbread mannetjes en blazen nog één keer uit bij Starbucks. Om 18.00 uur pakken we de taxi naar het vliegveld, waar we ons verblijf eindigen zoals ik begon: met een vieze hamburger.
We zijn niet bij Gordon Ramsay geweest of bij de Italiaanse chefkok Mario Batali. Ook voor de Oyster Bar in het Grand Central Terminal hadden we geen tijd. Maar gewoon een beetje op de bonnefooi door New York slenteren leidt ook tot verrassende en lekkere culinaire belevenissen. En er blijft altijd iets te wensen over, toch?
Vliegtuigvoer en roomservice, geen hoogtepunten
Dag 1: vertrek vanaf Schiphol. Van Mark, die een dag eerder vloog, had ik al gehoord wat hij in de business class geserveerd had gekregen. Zachtgegaard buikspek, een van de speciliteiten van Oud Sluis! Sergio Herman verzorgt een paar maanden lang de sjieke maaltijden aan boord van KLM. In de economy class moet ik met minder genoegen nemen. De eerste snack, gezouden nootjes, is altijd lekker. Maar de pasta met broccoli en pijnboompitten die we daarna krijgen is nauwelijks meer als zodanig te herkennen. Al dente in een vliegtuig is te veel gevraagd. Het bakje chocoladeijs tussendoor is wel lekker en de champignonquiche kan er ook best mee door.
Acht uur later: aankomst in New York. Het is rush hour. En extra druk omdat de beroemde metershoge kerstboom op Rockefeller Plaza net is opgetuigd.
Vers fruit, verse mozzarella en Braziliaanse steak
Dag 2: ik ben al uren wakker als we 'mogen' ontbijten. Een heerlijk buffet in ons eigen hotel, wat een verrassing. Verse meloen, ananas, aardbeien en druiven. Muffins, bagels, crumpets (da's lang geleden, ik waan me 25 jaar terug in de tijd in Briarcliff Manor). Allerlei granen, yoghurt en melk. Gerookte zalm, roomkaas, jam. Kortom, een goed begin.
Mark moet nog een dag naar kantoor. Ik wandel door de East Side en eindig in het Museum of Modern Art.
Om 15.00 uur is Mark 'vrij'. We scharrelen samen door de stad, die helemaal in kerstsfeer is. We hebben trek in iets hartigs, dus nemen een hot pretzel bij een stalletje op straat. Ze smaken nog precies hetzelfde als in 1981! De rookgeur hoort bij New York en kan ik me nog heel goed herinneren. Na de chaos, drukte en mensenmassa's in Bloomingdale's en op Times Square storten we bijna in. Wat een stad. In een leuk Braziliaans familierestaurant komen we weer bij. Op het menu: Picanha, super stuk geroosterd vlees met sausjes. We strompelen naar ons hotel en vallen direct in slaap.
Italiaanse hemel en Thais paradijs
Dag 3: het is koud maar helder, dus ik overwin mijn hoogte- en liftvrees en we schieten vroeg in de ochtend naar de top van het Rockefeller Center. Wat een uitzicht.
Daarna: lopen, lopen, lopen! Over Broadway, helemaal downtown. Onderweg thee, koffie, een brownie en granola bar in een deli, om op te warmen en aan te sterken. In de Shoe Mania, de naam zegt genoeg, vind ik zowaar mijn Amerikaanse droomlaarzen. Gelukkig wandelen we vlak daarna Little Italy binnen. Laat het nou precies lunchtijd zijn. Genieten van een goddelijke ravioli al funghi en een goede fles wijn.
Onze benen worden zwaar, maar we lopen dapper door. De Brooklyn Bridge op, over Wall Street, naar Battery Park en terug langs Ground Zero - een desolate, vervreemdende bouwput - door SoHo en TriBeCa. Als we nérgens een comfortabel café kunnen vinden, en ik bijna van mijn stokje ga, stuiten we op het paradijs: een Thais/Maleis restaurantje in een rustige zijstraat. De beef rendang met kokosrijst is de lekkerste ooit. Ik bestel groene thee, word vijf keer bijgeschonken, en hoef daar - zo blijkt achteraf - niets voor te betalen. Vriendelijke mensen die kerststerretjes op de ramen naast ons tafeltje plakken en ondertussen honderduit vragen over Amsterdam. We willen hier wel voor eeuwig blijven.
Toch zetten we ons nog één keer in beweging. In het overvolle theaterdistrict lukt het zowaar om kaartjes te bemachtigen voor een hilarische musical: Spamalot. Daarna is de pijp leeg. Slapen!
Nooit twee keer hetzelfde en eindigen zoals ik begon
Dag 4: wederom vroeg op pad om nog zoveel mogelijk van de stad te zien. Central Park is koud, rustig en minder inspirerend dan in de zomer, maar we zien goed hoe de New Yorkers hun zondagochtend besteden: fietsend, hardlopend en schaatsend. Daarna naar de Upper East Side, een decadent maar toch prettig sfeervol buurtje, met een mooi museum met Amerikaanse kunst (Whitney). We kiezen weer een Italiaanse restaurant uit voor de lunch, en ja, da's dom. De tweede keer valt altijd tegen. Mijn pasta haalt het niet bij de ravioli van gisteren, Marks haantje uit de oven is wel oké. We gaan nog op souvenirs-voor-de-kinderen-jacht, wagen ons in Macy's voor gingerbread mannetjes en blazen nog één keer uit bij Starbucks. Om 18.00 uur pakken we de taxi naar het vliegveld, waar we ons verblijf eindigen zoals ik begon: met een vieze hamburger.
We zijn niet bij Gordon Ramsay geweest of bij de Italiaanse chefkok Mario Batali. Ook voor de Oyster Bar in het Grand Central Terminal hadden we geen tijd. Maar gewoon een beetje op de bonnefooi door New York slenteren leidt ook tot verrassende en lekkere culinaire belevenissen. En er blijft altijd iets te wensen over, toch?
maandag 1 december 2008
Gelukzalige gezichten
Het is zover. Gusto! Catering is in business... Wat begon als een 'idee voor de toekomst', is na één maand al werkelijkheid. Afgelopen zaterdag deed ik de 'hapjescatering' op een feest bij iemand in het dorp. Zomaar ineens had ik de opdracht. Via-via gekregen.
Leuke mensen die mijn mediterrane hapjes wel aandurfden. Dat ik ze bij onze kennismaking al wat liet proeven, vonden ze volgens mij wel amusant. En misschien trok dát ze wel over de streep. Een persoonlijke aanpak, verre van standaard. Het was even aftasten. Wat wilden zij precies? 'Iets exotischer dan bitterballen'. En wat bood ik aan? Uiteindelijk kozen ze voor acht hapjes, die ik zou maken, brengen en in ieder geval één maal aan de 40 verwachte gasten rond zou delen.
Aan dat laatste moest ik eerlijk gezegd wennen. Bedenken, inkopen en dan de keuken in: dát is wat ik leuk vind. Maar bedienen? Dat maakte in mijn hoofd nog geen onderdeel uit van het concept.
Twee dagen later kijk ik terug op een geslaagde avond. De voorbereiding was grondig, de uitvoering liep daardoor gesmeerd. En laat ik nou vooral van de bediening genoten hebben! De gelukzalige gezichten van de twee 'oudjes' in de hoek, die geen genoeg kregen van de geitenkaastruffels en gegratineerde mosselen. Het groepje dames dat precies wilde weten wat er allemaal in de balletjes, smeersels, toppings en sausjes zat. De vier heren die ieder hapje maar meteen drie keer pakten. En de gastvrouw die me keer op keer liet weten hoe lekker alles was, zelf ook met de schalen rondging en trots vertelde dat ze al drie van mijn visitekaartjes had uitgedeeld.
Wekelijks wil ik dit (voorlopig) niet doen. Daarvoor kost het te veel tijd en levert het te weinig op. Ik wil het kleinschalig houden, exclusief en persoonlijk. Maar zo nu en dan een opdracht, om hele dagen schrijven af te wisselen? Graag!
Leuke mensen die mijn mediterrane hapjes wel aandurfden. Dat ik ze bij onze kennismaking al wat liet proeven, vonden ze volgens mij wel amusant. En misschien trok dát ze wel over de streep. Een persoonlijke aanpak, verre van standaard. Het was even aftasten. Wat wilden zij precies? 'Iets exotischer dan bitterballen'. En wat bood ik aan? Uiteindelijk kozen ze voor acht hapjes, die ik zou maken, brengen en in ieder geval één maal aan de 40 verwachte gasten rond zou delen.
Aan dat laatste moest ik eerlijk gezegd wennen. Bedenken, inkopen en dan de keuken in: dát is wat ik leuk vind. Maar bedienen? Dat maakte in mijn hoofd nog geen onderdeel uit van het concept.
Twee dagen later kijk ik terug op een geslaagde avond. De voorbereiding was grondig, de uitvoering liep daardoor gesmeerd. En laat ik nou vooral van de bediening genoten hebben! De gelukzalige gezichten van de twee 'oudjes' in de hoek, die geen genoeg kregen van de geitenkaastruffels en gegratineerde mosselen. Het groepje dames dat precies wilde weten wat er allemaal in de balletjes, smeersels, toppings en sausjes zat. De vier heren die ieder hapje maar meteen drie keer pakten. En de gastvrouw die me keer op keer liet weten hoe lekker alles was, zelf ook met de schalen rondging en trots vertelde dat ze al drie van mijn visitekaartjes had uitgedeeld.
Wekelijks wil ik dit (voorlopig) niet doen. Daarvoor kost het te veel tijd en levert het te weinig op. Ik wil het kleinschalig houden, exclusief en persoonlijk. Maar zo nu en dan een opdracht, om hele dagen schrijven af te wisselen? Graag!
donderdag 13 november 2008
Eetclubje
Hoe lang ons eetclubje al bestaat, weten we niet precies. De eerste keer dat we het organiseerden, zal 16 jaar geleden zijn. Met z'n drietjes: Annet, Welmoed en ik. Vlak daarna schoof Karin aan en een jaar of twee later Nelleke en Miranda. Goede vriendinnen uit Nijmegen, die in 1989 zes van de acht plaatsen in de eerstejaars dames roei-acht innamen.
We wilden een éétclubje, geen gezamenlijk kookclubje. Om beurten moesten we aan de bak. De opdracht: maak een bijzonder diner, liefst iets wat je nooit eerder hebt gemaakt. Experimenteer, verras en pak flink uit, terwijl de anderen achterover leunen, genieten en ondertussen lekker bijkletsen.
Inmiddels zijn we uitgewaaierd over Nederland, maar het eetclubje houden we in ere. Ups en downs delen we met elkaar. Het blijft gezellig en vertrouwd. Zes keer per jaar redden we meestal wel, alhoewel niet altijd met zijn zessen. Eenmaal afgesproken eetclubjes gaan tegenwoordig altijd door, ook als één van ons op het laatste moment toch moet afzeggen.
Wat we al die jaren stom genoeg niét gedaan hebben, is vastleggen wat we hebben gekookt. Tuurlijk, sommige hoogtepunten vergeten we niet. Haggis bij Miranda toen ze een jaar in Edinburgh woonde. En de carpaccio-salade, pas nog in Dorst. De lamskroon van Annet - wat was ze trots! - en natuurlijk de geweldige roeitocht door Leiden mét zomerse picknick. Makreel op de barbecue bij Welmoed en de 'bouwvakkerspot' toen het huis nog niet af was. Karins oosterse maal met visballetjes en loempia's. De citroentaart bij Nelleke en het oranjemaal op Koninginnedag. Eigen hoogtepunten noemen is moeilijker. Daarom maar wat ik de allereerste keer kookte. Vooraf artisjokken met een vinaigrette en als hoofdgerecht kalfsoesters in saffraansaus.
We moeten minstens 90 eetclubjes gehad hebben. En ik kan maar een paar gerechten opnoemen! Doodzonde. Daarom wordt vanaf nu alles anders. De lekkerste recepten ga ik vastleggen op dit log. Als eerste het heerlijke Italiaanse maal van Nelleke van afgelopen zaterdag, met als zalige hoogtepunten: de crostini met tomatenboter, gnocchi met salie en het sinaasappel-basilicumsorbetijs.
We wilden een éétclubje, geen gezamenlijk kookclubje. Om beurten moesten we aan de bak. De opdracht: maak een bijzonder diner, liefst iets wat je nooit eerder hebt gemaakt. Experimenteer, verras en pak flink uit, terwijl de anderen achterover leunen, genieten en ondertussen lekker bijkletsen.
Inmiddels zijn we uitgewaaierd over Nederland, maar het eetclubje houden we in ere. Ups en downs delen we met elkaar. Het blijft gezellig en vertrouwd. Zes keer per jaar redden we meestal wel, alhoewel niet altijd met zijn zessen. Eenmaal afgesproken eetclubjes gaan tegenwoordig altijd door, ook als één van ons op het laatste moment toch moet afzeggen.
Wat we al die jaren stom genoeg niét gedaan hebben, is vastleggen wat we hebben gekookt. Tuurlijk, sommige hoogtepunten vergeten we niet. Haggis bij Miranda toen ze een jaar in Edinburgh woonde. En de carpaccio-salade, pas nog in Dorst. De lamskroon van Annet - wat was ze trots! - en natuurlijk de geweldige roeitocht door Leiden mét zomerse picknick. Makreel op de barbecue bij Welmoed en de 'bouwvakkerspot' toen het huis nog niet af was. Karins oosterse maal met visballetjes en loempia's. De citroentaart bij Nelleke en het oranjemaal op Koninginnedag. Eigen hoogtepunten noemen is moeilijker. Daarom maar wat ik de allereerste keer kookte. Vooraf artisjokken met een vinaigrette en als hoofdgerecht kalfsoesters in saffraansaus.
We moeten minstens 90 eetclubjes gehad hebben. En ik kan maar een paar gerechten opnoemen! Doodzonde. Daarom wordt vanaf nu alles anders. De lekkerste recepten ga ik vastleggen op dit log. Als eerste het heerlijke Italiaanse maal van Nelleke van afgelopen zaterdag, met als zalige hoogtepunten: de crostini met tomatenboter, gnocchi met salie en het sinaasappel-basilicumsorbetijs.
Een nieuw begin
Een afscheidsborrel, waar ik zelf het maaltijdbuffet voor maak, in het fijne buurtje in Amsterdam Watergraafsmeer waar ik woonde toen ik bij Maters & Hermsen begon. Symbolischer kan het bijna niet. De cirkel is rond. Donderdag 30 oktober: ik zeg mijn lieve collega's gedag en maak tegelijkertijd een nieuwe start.
'Wat is je specialiteit?', vraagt bijna iedereen die ik vertel over mijn cateringplannen. Uh, die heb ik niet. Italiaans? Nee, niet alleen. 'Hoe zou je je kookstijl dan omschrijven?' Dat weet ik wel. Pure smaken, alles kraakvers, veel groenten en versgeplukte kruiden. Niet te zwaar. De zon op je bord. Liever twintig verschillende, subtiele smaken die vechten om aandacht dan één zwaar en overheersend ingrediënt. En liever twintig kleine hapjes dan één hoofdgerecht waar ik niet alles in kwijt kan.
Ik krijg de kans om 35 collega's kennis te laten maken met mijn kookkunst, op de openingsborrel van locatie Amsterdam, tevens mijn afscheids'feest'. Mijn eerste echte cateringopdracht! Wat zal ik maken? Ik kan zo dertig gerechten verzinnen. Het valt niet mee om te kiezen. Houd het overzichtelijk, spreek ik mezelf toe. Blijf binnen het budget. Nee, nog strenger: zorg dat je erop verdient! Met het feestthema - Halloween - in het achterhoofd, kies ik uiteindelijk voor: mijn eigen favoriete pastasalade, een eerder beproefde rijstsalade, een couscoussalade geserveerd in een uitgeholde pompoen, Griekse, Spaanse én Noord-Afrikaanse gehaktballetjes, een gevuld brood met mozzarella, basilicum en rauwe ham, twee plaatpizza's - één met verse, groene kruiden en knoflook, de ander met pompoen en geitenkaas - en stokbrood met champignontapenade, gemarineerde geitenkaasjes en yoghurt-spinazieraïta.
Het valt in de smaak. Gesmuld wordt er, gelukkig. En één collega helpt me een eind op weg met het benoemen van mijn specialiteit. 'Wat een heerlijk Mediterraan buffet', verzucht hij.
Chique en simpel: gnocchi met boter en salie
Stap voor stap gnocchi die lukken! Tussengerecht voor 6 personen:
1 kg kruimige aardappels
1 eidooier
3 el geraspte parmezaanse kaas
250 g bloem
Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 graden celsius. Was en droog de aardappels en prik met een vork gaatjes in de schil. Leg ze 50 minuten op een rooster in de voorverwarmde oven. De aardappels worden hierdoor mooi droog gaar, waardoor het deeg niet te zwaar wordt.
Stap 2
Pel de aardappels en pureer ze in een zeef of pureeknijper boven een kom.
Stap 3
Voeg eidooier, kaas en beetje bij beetje de bloem toe.
Stap 4
Kneed het mengsel tot een soepel deeg. Voeg eventueel nog wat bloem toe als het te plakkerig is. Neem de tijd en bestrooi je handen vooraf met bloem.
Stap 5
Bestrooi het werkblad met bloem. Verdeel het deeg in 6 delen en maak van elk stuk een rol van 2 cm doorsnee.
Stap 6
Snijd de 6 rollen in stukjes van 1,5 cm lengte en bestrooi licht met bloem. Voor gevorderden: rol ze vervolgens heen en weer over de tanden van een vork voor chique ribbels. Kook de gnocchi in porties in een ruime pan met kokend water en zout. Reken op 1 à 2 minuten vanaf het moment dat het water weer kookt. De gnocchi zijn gaar als ze naar boven komen.
Verhit voor de saus 50 g roomboter, roer er 4 el fijngehakte salie door. Giet over de gnocchi en strooi er nog wat salie en versgemalen peper over.
1 kg kruimige aardappels
1 eidooier
3 el geraspte parmezaanse kaas
250 g bloem
Stap 1
Verwarm de oven voor op 180 graden celsius. Was en droog de aardappels en prik met een vork gaatjes in de schil. Leg ze 50 minuten op een rooster in de voorverwarmde oven. De aardappels worden hierdoor mooi droog gaar, waardoor het deeg niet te zwaar wordt.
Stap 2
Pel de aardappels en pureer ze in een zeef of pureeknijper boven een kom.
Stap 3
Voeg eidooier, kaas en beetje bij beetje de bloem toe.
Stap 4
Kneed het mengsel tot een soepel deeg. Voeg eventueel nog wat bloem toe als het te plakkerig is. Neem de tijd en bestrooi je handen vooraf met bloem.
Stap 5
Bestrooi het werkblad met bloem. Verdeel het deeg in 6 delen en maak van elk stuk een rol van 2 cm doorsnee.
Stap 6
Snijd de 6 rollen in stukjes van 1,5 cm lengte en bestrooi licht met bloem. Voor gevorderden: rol ze vervolgens heen en weer over de tanden van een vork voor chique ribbels. Kook de gnocchi in porties in een ruime pan met kokend water en zout. Reken op 1 à 2 minuten vanaf het moment dat het water weer kookt. De gnocchi zijn gaar als ze naar boven komen.
Verhit voor de saus 50 g roomboter, roer er 4 el fijngehakte salie door. Giet over de gnocchi en strooi er nog wat salie en versgemalen peper over.
Sorbetto di Limone al Basilico
Recept voor citroensorbetijs met basilicum, waarin de smaak van citroen de toon zet en de basilicum voor een mysterieus tintje zorgt.
Neem 8 biologische citroenen en 2 biologische sinaasappels, was ze en dep goed droog. Schil de vruchten dun, laat de witte onderschil zitten. Doe de schilletjes in een steelpan, voeg 350 gram fijne kristalsuiker en 6 dl water toe. Breng aan de kook en laat zachtjes doorkoken tot de suiker helemaal is opgelost. Laat het gezoete sap op halfhoog vuur vervolgens 3 à 4 minuten goed doorkoken. Laat daarna afkoelen. Schep de schilletjes uit de koude siroop. Pers de citroenen en sinaasappels, zeef het vruchtensap en voeg samen met een flinke handvol in stukjes gescheurde basilicumblaadjes toe aan de siroop. Draai het mengsel in een ijsmachine tot sorbetijs.
Neem 8 biologische citroenen en 2 biologische sinaasappels, was ze en dep goed droog. Schil de vruchten dun, laat de witte onderschil zitten. Doe de schilletjes in een steelpan, voeg 350 gram fijne kristalsuiker en 6 dl water toe. Breng aan de kook en laat zachtjes doorkoken tot de suiker helemaal is opgelost. Laat het gezoete sap op halfhoog vuur vervolgens 3 à 4 minuten goed doorkoken. Laat daarna afkoelen. Schep de schilletjes uit de koude siroop. Pers de citroenen en sinaasappels, zeef het vruchtensap en voeg samen met een flinke handvol in stukjes gescheurde basilicumblaadjes toe aan de siroop. Draai het mengsel in een ijsmachine tot sorbetijs.
Recept voor hemelse tomatenboter
Fruit 2 fijngehakte sjalotjes goudgeel in 2 el olijfolie, voeg een fijngehakt teentje knoflook toe en fruit 1 minuut mee. Roer 2-4 tl rode tabasco (let op, het wordt snel pittig!), 2 el tomatenpuree en 2 fijngehakte zongedroogde tomaatjes door het mengsel. Draai het vuur uit en laat afkoelen. Roer samen met 2 el fijngeknipt bieslook door 100 g zachte boter. Héérlijk op crostini. Zeker genoeg voor vier personen.
maandag 3 november 2008
Koekkruimels
We komen tegenwoordig drie keer in de week in Waddinxveen. Tegenover de turnhal van Luc zit een ambachtelijke stroopwafelbakkerij, Markus. Als we aan komen rijden, zweeft de heerlijk zoete bakgeur onze auto binnen. De kinderen - ook Tess en Merel rijden regelmatig mee - kijken op van hun dvd-schermpjes. 'Mmmm. Gaan we weer, mam?' Ja, dat doen we. Binnen zit een vriendelijke dame aan het eind van een lopende band. Ze pakt tientallen versgebakken wafels in zakjes. 'Willen jullie er één?' Ja hoor, maar daar komen we eigenlijk niet voor. 'Voor 60 cent koekkruimels graag.' De vrouw loopt naar achteren en komt terug met een enorme plastic zak vol met nog warme stukjes wafel. Dáár komen we voor. De restjes. Maar oh zo lekker. Luc krijgt er een paar in zijn broodtrommel, voor na de training. De rest nemen we gauw mee terug naar Wilnis. Halverwege worden we al een beetje misselijk. Nog één handje dan.
Thuisgekomen vul ik twee voorraadpotten, en nog is er over. Toch maar eens bedenken wat ik hier mee kan maken. Oh ja, de koelkast ligt vol appels. Een bodem van fijngestampte kruimels met boter, dan een flinke laag appels, afgetopt met nog meer wafelkruimels. Een uurtje in de oven. Heerlijke appeltaart!
Volgende week haal ik weer nieuwe. Dan roer ik ze denk ik door het slagroom-kaneelijs, dat ik toch al zelf wilde maken. Of als kruimellaag over ander vers fruit.
Waar dat turnen van Luc al niet goed voor is ...
Thuisgekomen vul ik twee voorraadpotten, en nog is er over. Toch maar eens bedenken wat ik hier mee kan maken. Oh ja, de koelkast ligt vol appels. Een bodem van fijngestampte kruimels met boter, dan een flinke laag appels, afgetopt met nog meer wafelkruimels. Een uurtje in de oven. Heerlijke appeltaart!
Volgende week haal ik weer nieuwe. Dan roer ik ze denk ik door het slagroom-kaneelijs, dat ik toch al zelf wilde maken. Of als kruimellaag over ander vers fruit.
Waar dat turnen van Luc al niet goed voor is ...
zondag 2 november 2008
Gewoon spaghetti
'Mam, wanneer eten we weer eens gewoon spaghetti?', vraagt Tess terwijl ze het laatste hapje ossobuco van haar bord opslobbert. Ik wilde dit weekend eens flink culinair uitpakken. Gegrilde zwaardvisrolletjes - gevuld met tonijn, citroen, munt en lente-uitjes - en zachte, zoete uien uit de oven op zaterdag. En ossobuco met saffraanrisotto op zondag. Uren in de keuken, met als resultaat: fantastisch lekker eten, waar we op het gemakje van genieten. De kinderen doen dapper mee. Merel wil nog meer 'kip', Luc wist niet dat uitjes zo lekker konden zijn en volgens Tess lijkt de ossobuco precies op tomatensoep. En laat dat nou haar lievelingsgerecht zijn.
Eerlijk is eerlijk, zo gaat het niet altijd. Ook wij moeten wel eens ieder hapje naar binnen praten. Maar over het algemeen heb ik niks te klagen over de smaak en nieuwsgierigheid van mijn kinderen. Ik kan ze de meest exotische gerechten voorschotelen, en meestal vinden ze het 'best lekker'. Behalve de safraanrisotto, die ging ze net iets te ver. En het hele weekend was misschien toch net iéts te culinair. Daarom staat er als beloning maandag een heerlijke pan spaghetti op tafel. De saus is gemaakt van de overgebleven ossobuco, dat wel. Het unanieme oordeel: nog nooit smaakte de pasta zo goed!
Eerlijk is eerlijk, zo gaat het niet altijd. Ook wij moeten wel eens ieder hapje naar binnen praten. Maar over het algemeen heb ik niks te klagen over de smaak en nieuwsgierigheid van mijn kinderen. Ik kan ze de meest exotische gerechten voorschotelen, en meestal vinden ze het 'best lekker'. Behalve de safraanrisotto, die ging ze net iets te ver. En het hele weekend was misschien toch net iéts te culinair. Daarom staat er als beloning maandag een heerlijke pan spaghetti op tafel. De saus is gemaakt van de overgebleven ossobuco, dat wel. Het unanieme oordeel: nog nooit smaakte de pasta zo goed!
Abonneren op:
Posts (Atom)